Overzicht baten en lasten
Jeugd en onderwijs | R2023 | B2024 primitief | B2024 na wijziging | R2024 | Saldo |
|---|---|---|---|---|---|
Lasten | 13.615 | 14.420 | 15.564 | 15.958 | -394 |
Baten | 810 | 687 | 1.708 | 1.531 | -177 |
Saldo baten en lasten | -12.805 | -13.734 | -13.856 | -14.427 | -571 |
Toevoegingen aan reserves | - | - | - | - | - |
Onttrekkingen aan reserves | - | - | - | - | - |
Saldo reserves | - | - | - | - | - |
Saldo | -12.805 | -13.734 | -13.856 | -14.427 | -571 |
Toelichting
Lasten
Lagere lasten voor Onderwijshuisvesting Budget Asielzoekers (OHBA) (€ 0,2 miljoen). De inhoudelijke toelichting staat beschreven onder 1.4.4.2 met betrekking tot de budgetoverhevelingen.
Hogere lasten leerlingenvervoer (€ 0,06 miljoen), met name als gevolg van (de doorwerking van) hogere indexering voor de jaren 2023 en 2024, dan waar in de begroting rekening mee was gehouden.
Lagere lasten Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) (€ 0,15 miljoen) en het Nationaal Programma Onderwijsvertragingen (NPO) (0,32 miljoen). Dit betreft twee specifieke uitkeringen (SPUK). Tegenover de lagere lasten staat eenzelfde bedrag aan lagere baten. De niet bestede middelen mogen worden gereserveerd voor uitgaven in 2025.
Hogere lasten door diverse overige kleine verschillen (€ 0,01 miljoen).
Hogere uitgaven Specialistische Jeugdzorg (€ 0,99 miljoen).
De hogere lasten voor Specialistische Jeugdzorg ( € 0,99 miljoen ) zijn met name het gevolg van hogere uitgaven voor (1) een zeer complex en duur maatwerktraject (€ 0,85 mln waarvan € 0,49 mln is gedekt vanuit een specifieke SPUK-regeling, zie onder kopje ‘baten’) en voor het resterende deel vanwege hogere uitgaven voor (2) het Landelijk Transitie Arrangement (LTA), (3) enkelvoudige specialistische jeugdhulp (ESJH) en (4) Blijvend Veilig.
Ad 1) Naast de reeds gecontracteerde jeugdzorg maken we indien nodig ook gebruik van Individuele Betaalovereenkomsten (IBO's) voor het inzetten van jeugdzorg die niet gecontracteerd is. Dit doen we bijvoorbeeld om maatwerk te kunnen bieden of om snel hulp te kunnen inzetten als dat dringend nodig is en er sprake is van wachtlijsten bij gecontracteerde aanbieders. In 2024 hebben wij ingezet op het beperken van het aantal IBO’s. Hoewel er een afname van het aantal IBO’s te zien is, werden wij geconfronteerd met enkele dure maatwerktrajecten als gevolg van zeer complexe problematiek. In 1 geval liepen de totale kosten op tot € 0,85 miljoen voor zorg en opvang (vanuit regionale SPUK-middelen is Uithoorn daarin wel voor € 0,49 miljoen gecompenseerd, zie onder kopje ‘baten’).
Ad 2) Ook de kosten voor het Landelijk Transitie Arrangement zijn gestegen. Dat zijn kosten voor zeer specifieke, weinig voorkomende hulpvragen die op landelijk niveau door de VNG zijn ingekocht.
Ad 3) Stijging in kosten binnen de Enkelvoudige Specialistische Jeugdhulp (ESJH). Binnen de ESJH zien we in de loop van 2024 een stijging van de looptijd van indicaties en gemiddelde kosten per cliënt. Vanuit het project kostenbeheersing wordt reeds ingezet op het terugdringen van de looptijd van indicaties.
Ad 4) Ook de kosten voor Blijvend Veilig zijn hoger uitgevallen dan verwacht. Doordat er binnen Blijvend Veilig een nieuwe manier van werken wordt beproefd en deze werkwijze zich doorlopend ontwikkeld, bleek het lastig om het aantal trajecten aan de voorkant exact in te schatten. Afgelopen jaar is een groter aantal gezinnen en huishoudens vanuit Blijvend Veilig begeleid, onder andere omdat Veilig Thuis meldingen binnen Blijvend Veilig worden opgepakt. Bovendien wordt er in samenwerking met het Sociaal Team intensievere begeleiding geboden. Er is afgestapt van het ‘ estafettemodel’ waardoor het mogelijk is om integrale en duurzame ondersteuning te bieden. Deze intensievere en langdurige ondersteuning brengt op dit moment hogere kosten met zich mee, maar hiermee wordt verdere escalatie van problematiek voorkomen waarmee op lange termijn mogelijk de kosten voor jeugdzorg en andere voorzieningen dalen.
Per saldo bedraagt de overschrijding voor specialistische jeugdzorg € 0,50 mln (€ 0,99 mln minus bijdrage SPUK-regeling van € 0,49 mln). De onafhankelijke Deskundigencommissie, aangesteld vanuit de Hervormingsagenda jeugd, heeft geconcludeerd dat gemeenten de afgelopen jaren te weinig middelen hebben gekregen voor jeugdzorg. Indien de regering het zwaarwegende advies van deze commissie opvolgt, zou Uithoorn 2024 met terugwerkende kracht circa € 0,50 mln. compensatie moeten ontvangen van het rijk. In dat geval zou er geen sprake zijn van een overschrijding op specialistisch jeugdzorg in 2024.
Baten
Lagere baten voor Onderwijshuisvesting Budget Asielzoekers (OHBA) (€ 0,2 miljoen). De inhoudelijke toelichting staat beschreven onder 1.4.4.2 met betrekking tot de budgetoverhevelingen.
Lagere baten Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) (€ 0,15 miljoen) en het Nationaal Programma Onderwijsvertragingen (NPO) (0,32 miljoen). Dit betreft twee specifieke uitkeringen (SPUK). Tegenover de lagere baten staat eenzelfde bedrag aan lagere lasten. De niet bestede middelen mogen worden gereserveerd voor uitgaven in 2025.
Hogere baten vanuit een specifieke uitkering (SPUK) Randvoorwaardelijke functies jeugdhulp (€ 0,49 miljoen). Deze regeling ondersteunt gemeenten bij het organiseren en financieren van bepaalde essentiële functies binnen de jeugdhulp. De regeling is bedoeld om ervoor te zorgen dat jongeren met complexe problemen de juiste hulp krijgen en dat de zorgvraag niet verder escaleert. In Uithoorn was in 2024 sprake van een dusdanige zorgvraag, waardoor er een beroep gedaan kon worden op deze gelden. Tegenover deze baten staan ook hogere uitgaven die aan de lastenkant verder zijn toegelicht.